0

Een file en een rouwstoet

Om half vijf vanmiddag stapte ik in de auto. Een hele dag cursus gaat je niet in de koude kleren zitten. Ik was moe en een beetje korzelig. Vijf minuten later zat ik op de snelweg. File. Het stroopt vaak op de A16 rond die tijd. Op de radio werden de fileberichten voorgelezen. Geen berichten over de A16. Mijn file werd weer eens niet genoemd.
 
Om tien over half 5 moet ik ergens in de buurt van de oprit naar de A15 geweest zijn. In je leven kruis je het pad van vele mensen. Sommigen ontmoet je en zie je daarna nooit weer. Anderen blijven langer in je leven. Een paar kilometer bij me vandaan verdween op dat ene moment iemand uit mijn leven. Goed kende ik hem niet, maar zijn vingers hebben hun bescheiden afdruk op mijn handen meer dan eens achtergelaten en van de keren dat ik hem gesproken heb, leerde ik hem kennen als een charmeur.
 
Sinds een maand had hij een motor. Of dat is me in elk geval verteld. Vaag herinner ik me dat hij me eens verteldemet een motorrijbewijs bezig te zijn. Vanmiddag zal hij wel een plezierritje gemaakt hebben. Of misschien gebruikte hij z’n motor om sneller van het werk weer thuis te komen. Misschien gaf hij, enthousiast door het mooie weer en het idee z’n vriendin weer snel te zien, net wat meer gas dan nodig. Ik stel me voor hoe de paarden die zijn benen omklemmen trappelen en hem met kracht de afrit van de snelweg op joegen.
 
22 en dood. Dat is raar. Het is niet aan mij om te weeklagen of boos te zijn. Maar het is bizar. Een jongen die ik zo vaak de hand drukte, wiens portret ik me moeiteloos voor de geest kan halen, zomaar dood. Over een paar maanden zal ik hem vergeten zijn. Dan is zijn dood in niets wezenlijk anders dan wanneer hij verhuisd zou zijn. Ik hoop dat z’n leven zin gehad heeft… Lees verder