0

Een onsje minder

Schoenen aan, jas aan, tas mee. Hij is klaar om te vertrekken. Het is maandagochtend en dat betekent naar de markt. Op het boodschappenlijstje staan de gebruikelijke zaken: een bruin brood van de bakker, vier sinaasappels en een kilootje aardappels van de groentenman, droogvoer voor de kat en twee ons kibbeling voor de lunch. Op zijn dooie akkertje wandelt hij naar het centrum. Vroeger liep hij sneller, maar nu is hij met pensioen. Het hoeft niet snel meer. En het kan trouwens ook niet meer. Lees verder

0

Wat ik wil

Ik vind haar een mooie vrouw; krachtig ook. Ze doet elke keer, nog voor ik heb kunnen aanbellen, de deur open in een weelderige mantel of broekpak. Geen stijf kantoorspul, maar van zachte en soepelvallende stoffen. Ze lijkt daardoor wel wat op een tropische vogel. Lees verder

0

Joseph en Ella

“Het was vandaag een goede dag, Ella. Vanochtend ben ik al vroeg opgestaan: ik werd wakker van de merel in onze prunus. Ze zong zo hartstochtelijk. Even voor het ontwaken hoorde ik haar al. Haar liefdeslied mengde zich met mijn dromen. Ik werd wakker met een verliefd gevoel en ben met die warmte in mijn lijf maar uit de veren gegaan.
Lees verder

0

Alleen in het woud

“Lange masten van met groen leven bedekte cellulose: ze voelen eerder als zijn ouders dan zijn vrienden. Vanuit hun kruinen klinkt geritsel en als de wind een boze bui heeft soms ook gekraak en geloei. Veel van het leven in dit woud negeert de bomen, gebruikt ze voor hun eigen kleine doelen: om kriebels uit hun pels te schuren, als schuilplaats voor bange dagen of als een smakelijke slijpsteen voor het gebit. Maar voor hem zijn het ankers, bakens die hem een gerust gevoel geven. Ze zijn niet zacht of spraakzaam, niet aanrakerig of vaderlijk, maar hun stille, rustige zijn geeft meer vertrouwen en richting dan al het vluchtige om hen heen.
Lees verder

0

Tegenval

“Het plexiglas sputtert hoorbaar tegen. Eigenlijk zou de geleiderail wel een beetje vet kunnen gebruiken. Met wat extra kracht aan de onderkant van het wit plastic handvat geeft de schuifdeur eindelijk mee en ontstaat er een opening groot genoeg voor Paul om de douche te betreden. Op zijn lichaam zijn al kleine waterdruppeltjes te zien. Nog toen hij buiten de cabine stond had het water hem al bereikt. De douche heeft door het lange leidingwerk bijna twee volle minuten nodig om op temperatuur te komen. Door de smalle opening was er in die tijd al wat water ontsnapt, ongetwijfeld aangetrokken door Paul’s onvergelijkbare fysiek. Water heeft ook zo zijn voorkeur.
Lees verder

0

Bevlogen

“Gek genoeg stonden er vier mensen voor hem te wachten. Het bordje boven de kassa gaf aan dat er bij drie wachtenden een nieuwe kassa zou worden geopend. Allemaal marketing. Hij vermoedde dat er waarschijnlijk weinig oprechtheid achter dat bordje schuil ging. Bijna elke grote supermarktketen had tegenwoordig van die bordjes. Zonder zo’n bordje hoor je er als franchisenemer gewoon niet bij. Waarschijnlijk weet de filiaalmanager niet eens wat er op het bord staat. “Zijn die borden al binnen? Mooi, hang ze maar meteen boven de kassa.” Ooit had hij in de rij van een supermarkt gestaan waar de bordjes boven de kassa een loeier van een spelfout bevatten. Of althans, het was hem opgevallen. Maar hij was dan ook nogal gevoelig voor dat soort missers. Waarschijnlijk was verder niemand opgevallen dat “geopent” doorgaans niet met een T wordt gespeld. Lees verder

0

Een ontmoeting

“Een middag vroeg in het voorjaar. Op een bank van doorleefde planken en verweerd beton zit een man. Zijn linker arm ligt nonchalant op de leuning, het hoofd staat zwaar op zijn nek. Turen en staren, dat deed hij het afgelopen kwartier. Bijna aan een stuk. De wetenschap heeft grote moeite de ledigheid van ons onmetelijk heelal te verklaren. Voor de leegte die deze man voelt zijn geen woorden. Mensen zijn van nature veerkrachtig. Er kan hen veel ontnomen worden voordat ze de rek verliezen en verschrompelen als een herstblad op een bergje zilverzand. Ze had een gat geslagen in zijn verdediging, een bres in zijn levenslust. Lees verder

0

Een stel

Het dopje werkte niet bepaald mee, dat kon je zien. Zonder van haar getergdheid blijk te geven, morrelde ze nog maar een keer aan het tuitje van haar bidon. Ik zelf zat in de tussentijd van mijn lasagne te eten. Aanvankelijk had ik een plekje wat verderop uitgezocht, maar het licht beviel me daar niet. Te wit, een beetje klininisch. Het tafeltje waaraan ik nu zat stond haaks op alle anderen. Behalve op een gezette vrouw die met haar drankje worstelde, keek ik recht uit op de snelweg. Rond etenstijd is er van snelheid op de rijksweg langs Delft weinig sprake. Fietsers zijn op de grote weg niet toegestaan, maar zouden ze zich op de vluchtstrook hebben begeven, dan hadden ze met gemak de meeste auto’s in kunnen halen. Lees verder

0

Een man

“Het schemert nog. Een eenzame man steekt de straat over. Nog voor hij het zebrapad helemaal af is, rijdt een auto op een gemoedelijk drafje achter hem langs. Eenzaamheid is voor deze man geen probleem. Het is een deel van hem. Elk mens bestaat uit vele delen, sommige daarvan vervullen hem met trots, andere probeert hij als iets beschamends aan ieders zicht te onttrekken. Maar voor deze man is eenzaamheid het enige deel dat er wezenlijk toe doet. Het is wat hij koestert. Lees verder