0

Een stel

Het dopje werkte niet bepaald mee, dat kon je zien. Zonder van haar getergdheid blijk te geven, morrelde ze nog maar een keer aan het tuitje van haar bidon. Ik zelf zat in de tussentijd van mijn lasagne te eten. Aanvankelijk had ik een plekje wat verderop uitgezocht, maar het licht beviel me daar niet. Te wit, een beetje klininisch. Het tafeltje waaraan ik nu zat stond haaks op alle anderen. Behalve op een gezette vrouw die met haar drankje worstelde, keek ik recht uit op de snelweg. Rond etenstijd is er van snelheid op de rijksweg langs Delft weinig sprake. Fietsers zijn op de grote weg niet toegestaan, maar zouden ze zich op de vluchtstrook hebben begeven, dan hadden ze met gemak de meeste auto’s in kunnen halen. Lees verder

0

Een man

“Het schemert nog. Een eenzame man steekt de straat over. Nog voor hij het zebrapad helemaal af is, rijdt een auto op een gemoedelijk drafje achter hem langs. Eenzaamheid is voor deze man geen probleem. Het is een deel van hem. Elk mens bestaat uit vele delen, sommige daarvan vervullen hem met trots, andere probeert hij als iets beschamends aan ieders zicht te onttrekken. Maar voor deze man is eenzaamheid het enige deel dat er wezenlijk toe doet. Het is wat hij koestert. Lees verder